|
Over
Mond en Klauwzeer, Tongblaar, is heel wat te doen in het jaar 2001
Een overzicht van wat er in mijn columns over te lezen was |
|
,
Op 2 Februari 2001 schreef ik onderstaande column
voor de Zuid-Friesland en Therapeuten.net
Op 21 maart brak de MKZ uit in Nederland
Paranormaal 268
Zondagmiddag – Het blijft maar sneeuwen. Zo van
achter de ruiten is het een mooi winterplaatje. Guur trekt de wind de
neervallende sneeuw langs de ramen. Hier en daar ontstaan sneeuwduinen.
Achter het huis moet ik de boel zo nu en dan wat aan de kant schuiven om
te voorkomen dat ik anders niet met de auto uit de garage kan komen.
Heerlijk om buiten te zijn en het gure weer
te voelen. Lekker om een stuk te wandelen.
Dwars door de weilanden voor mijn huis loop ik door
de sneeuw richting het Tjeukemeer. De sloten liggen vol met een door de
veengrond lichtbruine gekleurde massa van sneeuw en ijs. Daar kan je niet
op staan, zoals onze hond Gompie moest ervaren toen hij pardoes door het
ijs van de vijver zakte en bibberend nat huiswaarts keerde waar hij met
een warme doek werd droog en warm gewreven door mijn vrouw. De sloten zijn
verraderlijk doordat de stuifsneeuw ze hier en daar volledig heeft dicht
gesneeuwd en het lijkt alsof er geen sloot is.
Op een paaltje zit een grote roofvogel terwijl iets
verderop in de lucht een kleinere biddend in de lucht hangt op zoek naar
wat te eten. Hoe al die vogels precies heten heb ik nooit kunnen onthouden
en laat ik maar zo. Op een molshoop die boven de witte sneeuw uitsteekt
zit een grote zwarte raaf. Als ik hem te dichtbij kom vliegt hij
schreeuwend weg. Een stuk verderop vliegt een soortgenoot op, en samen zie
ik ze wegvliegen, mopperend over hun verstoorde rust. Op sommige plaatsen
moet ik diep door een sneeuwduin waden om mijn weg te kunnen vervolgen. De
sneeuw snijdt in mijn gezicht. Met tranende ogen klim ik over een hek en
hoor het geklots van de golven van het meer.
Zwart en donker ligt het daar, het Tjeukemeer. Tussen
het wuivende riet zitten grote klodders ijssneeuw. De witte sneeuw jaagt
haast horizontaal over de zwarte golven om bij het neer komen te
verdwijnen. Het is ongelofelijk hoeveel gezichten dit meer heeft. Altijd
is het weer anders, altijd nieuw.
Een groepje kleine vogeltjes vliegt wat zonder
bestemming rond. Voor deze beestjes bestaan geen zorgen. Ze hebben het
vertrouwen dat het niet zo heel lang meer kan duren voor de lente het land
groen en vruchtbaar zal maken. Dan zullen ze hun instinct volgen en doen
wat er te doen valt. Zo is de natuur, zo is het leven.
Boeren zijn bang
De boeren zouden tevreden moeten zijn en vol
vertrouwen het volgende groeiseizoen te gemoed moeten kunnen zien. Er moet
gezaaid, er moet geoogst voor de volgende, wellicht lange koude winter.
Maar, niets is minder waar. Jaren lang al wordt er van alles besloten over
de hoofden van de boeren heen. Steeds weer nieuwe regels en steeds groter
worden. De kleine boeren worden, net als zij die niet willen of kunnen
investeren, min of meer gedwongen op te houden. Alles moet groter en
technischer. Hele polders gaan op de schop om alles nog efficiënter te
maken. Zo wordt het platteland een groot industrieterrein, ter wille van
de industriële voedsel voorziening. De malle molen draait en lijkt niet
meer te stoppen. Boeren zijn over het algemeen op een eerlijke en
gewetensvolle wijze aan het werk. Ze weten wat ze doen en houden hun zaken
goed op orde. Toch is er geen boer te vinden die niet ongerust de toekomst
tegemoet ziet.
Vandaag zijn het de berichten over BSE. In Europa
moeten meer dan een miljoen gezonde koeien worden afgemaakt. Hoeveel
varkens, kippen en kalveren zijn de laatste jaren al niet gedood en
vernietigd om de consument te overtuigen van de zorg waarmee men met ons
voedsel omgaat? Hoeveel gifschandalen in de doofpot gestopt om het geld?
Vandaag zijn het de koeien en morgen? Niemand kan de
garantie geven dat de grootschalige veeteelt niet tot meer, wellicht zelfs
gevaarlijker situaties zal lijden dan het gelukkig lage, (maar te hoge)
risico van BSE nu. Het krachtvoer dat de dieren te eten krijgen is
samengesteld uit producten, vaak afvalproducten, die in grote hoeveelheden
over de wereld verhandelt worden en waarvan niemand de goede samenstelling
kan garanderen.
Een stapje terug wordt wel geroepen. De boer moet
weer de producten van zijn eigen land aan zijn beesten gaan geven.
Biologisch gaan boeren, lijkt voor velen ‘De oplossing’. Maar voor
wie? Na jaren van groter en groter kan men zomaar niet terug. De bank
vraagt ook zijn rente terug en alles is al duur genoeg. Een hectare land
is de laatste jaren alleen maar duurder geworden. Honderd duizend gulden
voor een stuk land, waar dan ook nog maar twee koeien op mogen grazen,
lijkt de ‘gewone prijs’ te worden.
De koeien van vroeger zijn allang weg gefokt en
vermengd met grote Amerikaanse, veel melk gevende kapstokachtige koeien.
Het grasland van vroeger is hoogstens nog te vinden in de natuurgebieden
maar heeft op de weilanden plaats moeten maken voor speciale mengsels die
voor grotere opbrengsten moeten zorgen. Nee, de boeren zijn terecht
allemaal een beetje bang voor wat komen gaat. Er ontstaan spanningen die
lijden tot stress. Ik heb geen oplossing, maar wel een idee.
Nederland zal nooit mee kunnen concurreren op het
grote toneel van de industriële voedsel handel. Dit zal meer en meer een
strijd worden om de goedkoopste producten. De grootste van vandaag is de
armste van morgen. Een moordende concurrentiestrijd.
Daarnaast zal een steeds grotere markt ontstaan voor
natuurlijke producten. Het zou goed zijn als de hoogontwikkelde
Nederlandse veeteelt zich ging specialiseren op een meer biologische wijze
van produceren. Meer en meer zullen deze producten dan de wereld over gaan
als de echte, eerlijke producten waar meer voor betaald zal gaan worden.
De polders kunnen weer wat gezelliger, wat natuurlijker ingericht worden,
wat het toerisme ook nog wat biedt, en het platteland leefbaar houd. Dit
alles zal wel door de politiek gesteund moeten worden, en het zal ook wel
geld kosten, maar je kan toch ook moeilijk zo verder gaan?
Het klaart in het zuiden wat op, terwijl de lucht in
het noorden donker dreigt. Boven op de dijk die het land beschermt tegen
het koude water van het Tjeukemeer zie je die hele witte wereld voor je.
Even zie je hoe de zon flauw zichtbaar is door het dikke grijze wolkendek.
Altijd is er weer de zon om de aarde te verwarmen, om alles te laten
groeien.
In de tuin van de dominee eten twee vogels de rode
bessen van een struik. Ze hebben geen huis, ze zaaien niet, hebben geen
koelkast, maar ze eten toch.
. |
|
De
volgende column verscheen vlak na de uitbraak van MKZ in Nederland |
|
Paranormaal
272
‘Kleine
Greetje uit de polder, kind van het lage land’, de beginregels van een
liedje waar Eddy Christiani vijftig jaar geleden een hit mee had. ‘Blond
van haar, blauw van ogen’, zo moet Greetje er volgens het lied uit
gezien hebben. Ze beloofde dat ze met de zanger zou gaan trouwen, maar er
kwam maar steeds niets van. Dan weer moest kleine Greetje tarwe maaien,
rogge zaaien of er moest een koe kalveren. Uiteindelijk werd de zanger
boos, kwaad en nijdig en ging verhaal halen, maar hij mocht niet naar
binnen want er was Mond en Klauwzeer bij Greetje. ‘Toen het koren rijp
was’ is het uiteindelijk toch nog goed gekomen, maar het heeft heel wat
voeten in de aarde gehad.
Lammetjes worden geboren
In
deze tijd van het jaar, het vroege voorjaar, had Greetje zeker geen tijd
gehad om te trouwen, want het is de tijd dat de lammetjes worden geboren.
In ons vorige huis, een boerderij, hielden we schapen en geiten. Dit
betekende dat we in deze tijd van het jaar dag en nacht in de weer waren
om de schapen tijdens de bevalling te helpen. Nu het vriest wordt er een
warmte lamp opgehangen voor de pasgeboren lammetjes.
Mijn
dochter had een eigen geit, en ik moest haar beloven dat ik haar ‘s
nachts wakker zou maken mocht de geit gaan bevallen. Toen het zo ver was
stond ze in haar nachtjaponnetje, met een paar laarzen en een oude jas aan
in de stal om de geit te helpen. En dat was nodig ook, want het ging
allemaal niet van zelf. Langzaam ging ze met haar kleine handje bij de
geit naar binnen, om even later een gezond bokje op de wereld te zetten.
Altijd weer een prachtige gebeurtenis. Ook de schapen werden regelmatig op
deze wijze geholpen en als de lammetjes dan even later hun eerste stapjes
richting moeders uier zette, waren we steeds weer opnieuw getuigen van een
groot wonder. En dan, als het weer wat warmer wordt gaan de schapen naar
buiten. De lammetjes springen in het rond in de lentezon en iedereen is
ontroerd door het schouwspel.
Nooit meer Mond en
Klauwzeer
Vroeger,
in de tijd van ‘Kleine Greetje’, kwam Mond en Klauwzeer regelmatig
voor. Een oude boerin vertelde me dat de beesten dan erg ziek konden zijn.
Eten was pijnlijk voor de dieren door de blaren die ze in hun bek hadden.
Ook het staan was voor deze dieren vaak erg lastig. ‘We maakten dan van
Maismeel een dikke massa, waarvan we dan balletjes maakte ten grote van
een tennisbal die we die arme beesten voorzichtig in de bek stopten’,
vertelde de vrouw mij. ‘De meeste dieren knapten dan wel op, en als een
enkel dier te veel verzwakte en stierf dan was dat al een ramp genoeg’.
‘Gelukkig kwam er een medicijn waarmee de dieren werden ingeënt, en was
het probleem voorbij’, vertelde ze. Er komt een twinkeling in haar ogen
als ze verder gaat, ‘Ik weet nog goed dat we thuis aan de tafel zaten,
hoe mijn vader zijn pijpje stopte en opgelucht adem haalde’. ‘Gelukkig
nooit meer Mond en Klauwzeer’.
Tot
zo’n twintig jaar geleden werd er dan ook jaarlijks geënt om de
gevreesde ziekte te voorkomen. Hier is men mee gestopt omdat onder andere
Japan geen vlees wil importeren van dieren die geënt zijn. Alleen om het
geld en nergens anders voor worden nu in heel Europa duizenden dieren
afgemaakt en, om het maar wat minder gevoelig te brengen, ‘geruimd’.
Dit gebeurt niet omdat ze een ziekte hebben die gevaarlijk is voor de
mens, maar alleen om economische redenen. De overal aanwezige televisie
camera,s worden tijdens de ruimingen goed uit de buurt gehouden. De
overheid heeft een eerder verbod om de drachtige schapen in de weilanden
te laten teruggedraaid. Weilanden vol, door kou gestorven lammetjes zijn
niet goed voor de publiciteit
voor de totaal de weg kwijtgeraakte bestuurders.
Ik vraag me af of iedereen zich wel realiseert wat er op dit moment
gebeurt.
Bloed aan de handen
Duizenden
schapen en andere dieren worden preventief geruimd.
Duizenden hoogzwangere dieren worden doodgemaakt.
Duizenden schapen, kalveren en andere dieren, waaronder hertjes worden
afgemaakt.
Duizenden pas geboren lammetjes gaan samen met hun moeder de
verbrandingsovens in.
Hoe ver gaan we om de centen. Of is de vraag: Hoeveel verder kan de mens
nog zinken.
Er
worden nu, alleen voor het geld, grenzen
overschreden die voor ieder weldenkend mens veel te ver gaan. Voor mijzelf
heb ik besloten dat het weinige vlees dat ik eet voortaan alleen nog
biologisch vlees zal zijn. Dieren, ook al worden ze voor consumptie
gebruikt, hebben recht op een waardig bestaan. Deze onnodige
massaslachting is een duidelijke stap te ver.
Dit bloed wil ik niet aan mijn handen hebben.
Jac
Zitman
|
|
Een ander beeld
dat aan het veranderen is, is het beeld van ‘De Boer’ in onze
maatschappij. De reclame over melk en kaas geeft een beeld dat eigenlijk
alleen van toepassing kan zijn bij biologische boeren die op een
natuurlijke wijze met hun vee omgaan. Het heeft niets te maken met de geïndustrialiseerde
wijze waarop vlees geproduceerd word. In mesterijen word nauwelijks
rekening gehouden met dieren
welzijn. Bij kalveren word bij voorbeeld bewust bloedarmoede gecreëerd om
het vlees licht van kleur te houden. De economie, de politiek, de kerk en
de mensen om ons heen bepalen het beeld dat wij voorgeschoteld krijgen.
Beelden die als de waarheid worden opgediend. |
|
|
Paranormaal 275
Als in vroeger tijden een besmettelijke ziekte over
het platte land kwam en de dieren op onverklaarbare wijze ziek werden,
werd wel gesproken van ‘De duivel in de stal’. Het plaatselijke
kruidenvrouwtje kon dan wel op haar hoede wezen, want als er eenmaal
iemand ging beweren dat ze ‘Het boze oog’ had, mocht ze voor haar
leven vrezen. Er werd namelijk geloofd dat de duivel via dat oog voor veel
ellende kan zorgen, en dat moest, net als nu, met vuur verdelgt worden.
De lugubere beelden op televisie uit Engeland geven
aan dat ons nog heel wat te wachten kan staan. Grote, openbare
verbrandingen zullen hier in ons land niet gaan plaatsvinden, bij ons gaat
het allemaal wat onzichtbaarder, maar niet minder rigoureus. Ondanks alle
ellende die de boeren boven het hoofd hangt, krijgen ze van Europa
niet de vrije keuze om hun vee te beschermen. Voor vele
melkveehouders zal het ‘ruimen’ van hun stal de doodsteek betekenen.
Het opbouwen van een goede melkstal kost vele jaren. Nederland zal bij een
werkelijk grote uitbraak vele van zijn kleine en middelgrote boeren
verliezen. Dit zal er toe leiden dat alleen nog de grote, intensieve
bedrijven overblijven en verder uitbreiden. Wellicht is dit de bedoeling
van de internationale vleeshandel, die meer te zeggen blijkt te hebben in
Europa dan de boeren.
Kruiden tegen spanningen
Spanningen genoeg, en voor velen te veel. Mensen
slapen niet meer en hebben de nijging om dan maar meteen naar zware
middelen te grijpen. Maar, het hoofd moet er goed bij blijven en dan is
een kruidendrank beter op zijn plaats.
Het kruidenmengsel dat wij geven om wat rust te
krijgen is het mengsel dat wij k6 noemen. Er kan gewoon thee van gezet
worden en naar behoefte aangezoet worden. Dit mengsel bestaat uit:
Citroenmelisse, Valeriaan, Pepermunt, Heermoes, Hop, Maretak en St.
Janskruid.
Citroenmelisse is een stokoud huismiddel bij
overspannen zenuwen, zenuwtrekkingen, hysterie en melancholie. Verder
werkt het goed bij spijsverteringstoornissen, krampachtige pijnen in maag
en darm door nerveuze oorzaken en bij hartkloppingen van nerveuze aard. In
de kruiden geneeswijze wordt Citroenmelisse ook vaak bij slapeloosheid
toegepast.
Valeriaan behoeft eigenlijk weinig uitleg. Van
oudsher wordt dit kruid gebruikt bij alle nerveuze stoornissen en is
bekend door zijn kalmerende werking.
Pepermunt is een middel dat de werking van de
bovenstaande kruiden versterkt en reguleert bovendien de maag en
darmwerking.
Heermoes is van oudsher bekend door zijn goede
invloed op ons bloed. Daarnaast heeft deze in Nederland zeer algemeen
voorkomende plant een goede invloed op de werking van het zenuwstelsel en
hormoonstelsel, de twee grote regelsystemen van ons lichaam.
Hop, ook gekweekt voor de bierfabricage, werkt
kalmerend, waterafdrijvend en wekt de eetlust op. Voor vrouwen kan Hop een
interessante werking hebben omdat de natuurlijke hormonen die dit kruid
bevat de borsten verstevigt, en zelfs vergroot, zoals uit onderzoek is
gebleken.
Maretak is een hele speciale plant. De oude genezers
noemde hem de al-genezende, en het is waar, het is een plant die veel goed
kan doen. De mysterieuze werking van de Maretak is lang geheim gebleven
voor leken. Het blijkt dan deze plant de mens helpt dichter bij zich zelf
te komen. Ik heb hem dan ook hoofdzakelijk in dit mengsel opgenomen om
zijn versterkende werking op het ik-gevoel.
St. Janskruid is in dit mengsel opgenomen omdat het
volgens wetenschappelijk onderzoek tot de beste antidepressiva behoort.
Deze plant doet niets onder voor de moderne geneesmiddelen, die gebruikt
worden in de psychiatrie. De rede dat de plant geen voorkeur krijgt boven
de medicijnen ligt dan ook op economisch gebied. St. Janskruid heeft
normaal gesproken geen bijwerking, maar voor mensen die medicijnen slikken
van de huisarts, is het raadzaam om te overleggen of dit kruid gebruikt
mag worden. St. Janskruid heeft namelijk op sommige medicijnen een
eigenaardige invloed. St. Janskruid werkt vreemde stoffen uit ons belaste
lichaam. Uit onderzoek is gebleken dat St. Janskruid de werking van
bijvoorbeeld bloedverdunners en dergelijke kan verminderen. Voor deze
groep mensen leveren we dit kruidenmengsel dan ook zonder St. Janskruid.
Nu wil ik hier niet de indruk wekken dat een handvol
kruiden het einde is van alle problemen. Zo simpel is het nu ook weer
niet. Deze kruiden kunnen helpen om de spanning te verminderen, maar de
oorzaak kunnen ze niet wegnemen.
De avond valt, de wereld is stil. De schapen uit het
weiland van de boer zijn met toestemming naar de stal gebracht om
veilig hun lammetjes op de wereld te kunnen zetten. Het is stil,
zelfs de dieren in de stallen om mij heen geven geen geluid. Iedereen en
alles houd de adem in. Waar gisteren de schapen liepen stijgt een zwerm
vogels op.
Hoe ver zullen ze gaan.
Jac Zitman |
|
Over
Antonius Abt, de beschermheilige van de veehouders |
|
Paranormaal
277
Jaren
geleden vond ik op een rommelmarkt een beeld dat me wel aansprak. Het oude
beeld stelt een monnik voor, steunend op een T-vormige stok. In zijn
linkerhand heeft hij een opengeslagen boek en naast hem staat een varken.
Ik
heb er eigenlijk nooit aan gedacht om eens uit te zoeken wat de betekenis
van dit beeld is, maar door de huidige mond en klauw uitbraak ben ik er nu
toch achter gekomen. Het is een heiligenbeeld van Antonius Abt, de
beschermheilige van de veehouders. Althans dat is wat ik er onlangs op de
radio over hoorde. Er schijnt nog ergens een fabriek te zijn die ze maakt.
In voorgaande jaren werden er enkele beelden per jaar gemaakt, nu moeten
ze overuren draaien om de vraag aan te kunnen. Er schijnen genoeg mensen
te zijn die hopen dat dit beeld de gevreesde ziekte buiten de stal kan
houden.
Volgens
de overleveringen was Antonius zeer begaan met de arme platteland
bevolking die honger leed. Naast voedsel gaf hij de mensen een jonge big,
waarmee ze konden fokken en zodoende in hun onderhoud voorzien. Een goed
mens met goede bedoelingen dus. Dat hij heilig verklaard is door de
katholieke kerk is dan ook geen wonder, want kerken schermen graag met
mensen die goed zijn, en tot hun kerk behoorden. Binnen de hervormde
kerken komen dit soort beelden niet voor, die zijn tijdens de beruchte
beeldenstormen de kerken uit gegooid. Het aanbidden van beelden werd als
duivels gezien, zoals de islamitische regering van Afghanistan dat nu nog
ziet en onlangs eeuwenoude boeddha beelden liet opblazen.
Nu
is het makkelijker om alle beelden van de wereld op te blazen dan het
verwijderen van beelden uit je hoofd. Vooral de beelden die je in de loop
van je leven van je zelf gemaakt hebt zijn het taaist. Dat komt omdat dit
de beelden zijn waarmee wij ons staande denken te moeten houden in de
maatschappij. Helaas zijn deze beelden ook doordrenkt met de littekens die
we gaande het leven oplopen. Een wirwar van beelden die we ik noemen, en
die verantwoordelijk zijn voor veel persoonlijk leed. Toch, als we bereidt
zijn om enige afstand van onze gevoelens en gedachten te nemen, zien we al
snel dat we eigenlijk al die beelden in onze geest waarnemen, en het dus
nooit zelf kunnen zijn.
Een
eenvoudige oefening kan helpen duidelijk te maken wat ik met dat
‘waarnemen’ bedoel. Wanneer we een hand voor ons houden en de vingers
bewegen kunnen we hier op verschillende wijze naar kijken. We kunnen
zeggen ‘kijk, ik beweeg mijn vingers’. Maar, wie is die ik dan, kunnen
we echt zeggen er is een ik, die de vingers beweegt?
Is er niet veel meer een waarnemen dat de vingers bewegen? Als je
zo naar je bewegende vingers kijkt zie je dat er helemaal geen beeld is
van een ik die de vingers beweegt. Zo nu en dan is er wel zo’n beeld,
een herinneringsbeeld uit het verleden, maar nooit in het nu. Het ik in
ons denken is dus gewoon een beeld in onze geest, maar wij zijn geen
beeld.
Gedachtebeelden
zijn enorm sterk. Angst en verdriet laten sporen na die ons hele leven
kunnen beïnvloeden, vooral wanneer we op jonge leeftijd met akelige zaken
te maken hebben gehad. In mijn praktijk heb ik regelmatig te maken met
mensen onder grote druk hebben geleefd, of nog leven. Op zich hoeft dit
geen nadelige sporen na te laten. Maar, wanneer een kind zich thuis niet
veilig voelt, geen veilig nest heeft, zal dit altijd tot problemen leiden.
Wat dit betreft leven veel kinderen van veehouders nu in moeilijke tijden,
net als hun ouders trouwens. De totale machteloosheid tegen het mond en
klauwzeer virus geeft een sterk onveiligheidsgevoel. Vroeger zag men dit
soort ziektes vaak als een straf van hogere machten. Allerlei rituelen
zijn er verzonnen om aan dit gevoel van onveiligheid te ontsnappen, en de
hogere machten tevreden te stellen. Het offeren van dieren, vroeger ook
wel mensen, is hier en daar nog in zwang. En, het branden van een kaarsje
bij het beeld van een beschermheilige, zo als in het geval van de mond en
klauwzeer bij het beeld van Antonius Abt.
Gelukkig kunnen we ons tegenwoordig uitgebreid laten informeren over van
alles via bijvoorbeeld het internet en hoeven we er geen hogere,
straffende machten bij te verzinnen.
Voor mensen die een e-mail adres hebben heb ik een tip. Op de website van
het ministerie van landbouw, natuurbeheer en visserij kan iedereen zich
opgeven voor de persberichten die uitgegeven worden over de stand van
zaken over mond en klauwzeer.
Het adres van het ministerie is: http://www.minlnv.nl |
|