Met mijn dochter Jacqueline schreef ik in 1998 samen een Kerstverhaal

 

 

Het geheim van de zevende hemel

Een kerstverhaal speciaal voor de Zuid- Friesland geschreven door Jacqueline (14) en Jac Zitman. Jacqueline is van de (jeugd)redactie en Jac verzorgt de column 'Paranormaal', die deze week komt te vervallen.
                             
Nelleke ligt diep onder haar dekbed, heerlijk te slapen tot ze wakker wordt van gerommel in haar kamer. Langzaam komt ze overeind, en schrikt zich rot van wat ze voor zich ziet. Midden in de nacht zit er zo maar iemand aan haar bureau, en via de spiegel kan ze de voorkant van die persoon duidelijk zien. Nelleke ziet een meisje van haar eigen leeftijd, en het lijkt wel of ze droomt, want ze heeft ook nog eens vleugels.
Het meisje aan het bureau heeft gehoord dat Nelleke wakker is geworden, ze schrikt ook en slaat snel de 'Break Out', die ze aan het lezen was dicht. 'Sorry, sorry, het was niet de bedoeling dat je wakker werd, ik denk dat ik maar eens ga', is wat ze zegt. 'Doe dat maar niet', mompelt Nelleke, terwijl ze met haar vingers door haar ogen wrijft, 'je moet me eerst maar eens zeggen wie je bent'. 'Dat wil je toch niet geloven', zegt het meisje aan het bureau, 'dus heeft het ook geen zin om het je allemaal uit te leggen'. 'Wat ben je dan voor iets', vraagt Nelleke die van haar ergste schrik bekomen is, 'je wil me toch niet gaan vertellen dat je een buitenaards wezen bent, of zo iets?' Het meisje aan het bureau schudde van nee. Nelleke doet nog een poging, 'maar wat ben je dan voor iets', vraagt ze zich hardop af. 'Nou kijk', begint het meisje, 'je zal het niet geloven, maar ik ben een engel en mijn naam is Angel'. 'Ja hoor' zegt Nelleke vol ongeloof, 'het is bijna Kerstmis en ik droom van een engel in mijn kamer, als je het niet erg vindt slaap ik verder'. Nelleke draait zich om en trekt haar hoofd diep onder het warme dekbed.
                               
Op school, tijdens de belangrijke repetitie Engels, kan Nelleke haar gedachten er maar niet bij houden. Het ene moment zit ze naar Justin te kijken, de jongen waar ze al maanden in het geheim verliefd op is, en dan speelt die vreemde droom weer door haar hoofd. Onderweg naar huis rijdt ze met haar fiets nog haast tegen een auto op, door dat ze weer zit te dagdromen. 'Kan je niet uit je doppen kijken!', schreeuwt de automobilist haar door het geopende raam na. Het idee dat ze nog een bult huiswerk te doen heeft voor morgen, maakt Nelleke er niet vrolijker op. 'Die leraren denken echt allemaal dat ze de enige zijn die huiswerk geven, en dan dat stomme wiskunde, gelukkig is Justin er ook slecht in'.
Nelleke stapt haar kamer binnen en als ze de enorme rommel, in haar anders toch keurige kamer ziet laat ze van schrik de schooltas uit haar handen vallen. Dan, als of het allemaal nog niet genoeg is slaat de schrik haar helemaal toe, als ze die engel van vannacht, die Angel, op haar bed ziet liggen. Op haar hoofd heeft ze een walkman, een grote zak chips in haar handen en een twee liter fles cola aan haar mond. 'Ben je nou helemaal gek', schreeuwt Nelleke terwijl ze de walkman bij de engel van het hoofd trekt, 'als mijn moeder straks thuis komt en ziet wat een troep jij hebt gemaakt, wat moet ik dan?' De engel lijkt helemaal niet onder de indruk van de boze Nelleke maar zegt brutaal: 'Moet je zelf maar weten, ik verdwijn gewoon'. En ja hoor, daar is de moeder van Nelleke al, en weg is de engel, zo maar ineens.

'Wat heeft dit in godsnaam te betekenen', vraagt Nelleke's moeder met een dreigende stem. 'Sorry mams' begint het geschrokken meisje, 'maar, uh, er was zo net een engel in mijn kamer, en....', iets rustiger, maar niet minder dreigend valt haar moeder haar in de rede. 'naar zo'n domme smoes staat mijn hoofd nu even niet, binnen het uur is je kamer weer helemaal netjes, anders kan je het Kerstbal van school wel vergeten'. Nelleke's moeder slaat met een klap de deur dicht, haar geschrokken dochter in haar kamer achter latent.
Dat betekende dat ze dan ook geen kans kreeg om op Kerstavond Justin te zien, realiseert Nelleke zich, en misschien eindelijk eens uit te vinden of hij ook op haar is. Die stomme engel ook, die verprutst alles. Tranen schieten het Nelleke in haar ogen als ze ziet hoe haar hele kamer overhoop ligt. En dan, als ze weer op kijkt, is haar kamer weer helemaal netjes en op het keurig opgemaakte bed zit de engel. 'Ik zal je alles vertellen, en we hebben alle tijd, want je huiswerk is ook al klaar'.
                       
'Eigenlijk ben ik net zo als jij' begint Angel haar verhaal, 'door een stom ongeluk ben ik dood gegaan en in de hemel terecht gekomen'. Ik zat achter op de brommer bij Michael, een kanjer bij mij uit de klas, en hij reed zo hard dat hij niet meer kon remmen toen er een auto aan kwam'. 'Dood gaan?' vroeg Nelleke, 'dat is toch hartstikke eng?' Zonder op haar te letten vertelde Angel verder: 'Ineens lagen we op de grond, Michael lag er heel vreemd bij, en er kwam bloed onder z'n helm vandaan'. Het vreemde was dat ik boven hem zweefde, en dat ik ook mij zelf zag liggen'. 'Toen werd het ineens heel licht en voelde ik me heel rustig en gelukkig worden'. 'Daar zag ik mijn opa, die me bij mijn hand meenam naar een heel mooi strand'. Als in een roes hoort Nelleke het verhaal van haar bezoekster aan, zo'n vreemd verhaal heeft ze nog nooit gehoord. 'Weet je', gaat Angel verder 'dood gaan is helemaal niet zo erg, maar zo nu en dan wil ik toch wel weten hoe het hier gaat, en vooral de nieuwe 'Break Out' lezen', voegt ze er met een ondeugende glimlach aan toe. ,Maar, hoe zit dat met dat Kerstbal, waar ik je moeder over hoorde praten?, vertel me daar eens wat over'.
Vragen vliegen Nelleke door haar hoofd, maar zonder dat ze er een kan stellen zegt Angel, 'ik kan je niet alles precies vertellen, hoe het in de hemel is, maar ik weet wel dat er nog een hemel is , de zevende hemel, en daar is alleen liefde, daar kan je alleen samen met een ander komen, dat heb ik gehoord'. 'Weet je, als er weer engelen naar die zevende hemel gaan, dan ontstaat er een nieuwe ster aan de hemel, mooi hè'.
'Maar, hoe zit dat nu met dat feest?'.
'Het is een gemaskerd Kerstbal' verteld Nelleke, 'op de avond voor Kerstmis en ik hoop dat ik dan eindelijk Justin eens durf te versieren, want die is echt te gek'. Angel springt overeind, 'gemaskerd?' roept ze, 'ik ga met je mee, dan kan ik mooi als engel', lacht ze, 'maar ik moet wel voor twaalf uur terug zijn, want anders ..., nou ja, dat moet gewoon'.

Het is oervervelend op school, die laatste dag voor de kerstvakantie. Nelleke kijkt door het raam naar de grijze lucht. Op de kale boomtakken zitten wat musjes diep in hun veren gedoken. Het is buiten dan ook ijzig koud. Vanmorgen op de fiets was haar neus zo koud geworden, dat ze met een hele stomme rode neus op school was gekomen. De jongens hadden haar uitgelachen, 'ben je aan de drank of zo?', had die stomme Peter gevraagd. Alle jongens hadden gelachen, voor schut had ze gestaan, en ze was maar snel door gelopen. Toen was ze Justin tegen gekomen, en hij had tegen haar, Nelleke, gesproken.
'Koud hè', had hij gezegd, 'ik ben mijn handschoenen vergeten en kan vandaag geen pen meer vasthouden'. Nelleke had maar wat schaapachtig geglimlacht, ach wat voelde ze zich zelf nu stom. Nu wist ze wel wat ze allemaal had moeten zeggen, maar toen hij voor haar stond....
'Ja, dames en heren', Lagermaker, de leraar wiskunde staat met een brede grijns op z'n gezicht voor de klas. 'Ik heb jullie huiswerk na gekeken en het was diep, diep bedroevend'. 'De dames en heren hadden hun hoofd waarschijnlijk bij het Kerstbal'. Wat was die Lagermaker toch een irritante kerel, 'hier komen de cijfers'. Een voor een noemde de leraar de, meestal, onvoldoende's op, toen stopte hij even om de aandacht van de murmelende klas weer op te eisen. 'En dan heb ik er hier nog twee over die een welkome uitzondering vormen' sprak hij triomfantelijk. 'Nelleke Zwijger en zelfs Justin de Ridder hebben zich werkelijk overtroffen, beide geen enkele fout, een tien dus'.
Nelleke voelt een koude rilling langs haar rug lopen, en ze krijgt een kop van vuur. 'Dat is het huiswerk dat Angel voor me gemaakt heeft', schiet het door haar hoofd. 'Ik wens de dames en heren een prettige vakantie', hoort ze Lagermaker nog zeggen, en dan gaat de bel.
                           
De hele dag is Nelleke al bezig om van een wit laken een acceptabel engelen kostuum voor het Kerstbal van die avond te maken. Steeds staat ze weer voor de spiegel, steeds gooit ze het laken weer van zich af. Het wil maar niet lukken en zonder kostuum mag ze niet op het feest komen. Wie verzint er ook zo iets stoms.
'Hoe laat begint het feest?'. Op het bed zit Angel die uit het niets te voorschijn is gekomen. Ze ziet er prachtig uit, alsof ze zo uit een clip van de tv is gestapt, met ogen, 'echt engelenogen' bedenkt Nelleke. 'Wat zie je er mooi uit' roept Nelleke, 'helemaal te gek gewoon'. 'Maar nu loop ik helemaal voor gek', Nelleke kijkt nog eens in de spiegel naar haar domme engelenpak van het oude witte laken, 'zo kan ik niet naar het feest'.
'Maak je geen zorgen joh, we zijn nu toch vriendinnen?', roept Angel uit, 'jij wordt de mooiste vanavond, let maar eens op'. Met een lachend gezicht haalt ze een prachtig engelenpakje, netjes op een hangertje te voorschijn. 'Precies je maat hoor, trek maar eens aan'.
Even later heeft Nelleke het pakje aan en is prachtig opgemaakt, en dan gaat de deur open en staat haar moeder ineens in de kamer. Nelleke schrikt er van, want ze had haar moeder, niet thuis horen komen van haar werk. Angel springt van het bed op, en tot verbazing van Nelleke doet ze net of ze een vriendin van school is. 'Dag mevrouw', zegt ze netjes terwijl ze haar hand uitsteekt, 'ik ben Angel, zien we er niet mooi uit voor vanavond?'. 'Prachtig, maar hoe kom jij aan die kleren?' zegt ze vragend, terwijl ze Nelleke van top tot teen bekijkt, 'er was zeker weer een engel op je kamer'. Nelleke weet niet wat ze zeggen moet, en gaat maar weer eens in de spiegel kijken. 'Die zijn van mijn moeder', hoort ze Angel zeggen, 'mijn moeder werkt bij het toneel, en wij mogen deze pakjes vanavond gebruiken'. 'Prachtig, echt heel mooi, en dan ga ik nu maar snel koken, want het is al laat'. Nelleke en Angel kunnen hun lachen nauwelijks inhouden als moeder de kamer verlaat. 'Tjonge, wat kan jij snel wat verzinnen zeg' lacht Nelleke, 'Ik kom niet meer bij'.

De school en de bomen op het schoolplein zijn prachtig versiert met honderden lampjes. Ook de anders zo saaie kantine is verandert met prachtige kerstversiering. Nelleke kijkt haar ogen uit en is zo onder de indruk dat ze nauwelijks in de gaten heeft dat iedereen naar haar kijkt als ze binnen komt. 'Tjonge tjonge wat zie jij er prachtig uit', het is de stem van Helpman, de conciërge, verkleed als Kerstman, 'Ho,ho,ho' grapt hij terwijl hij met een bel klingelt. Nelleke kijkt meteen rond of ze Justin herkend tussen al die verklede mensen. 'Dat zal niet makkelijk worden', bedenkt ze als ze ziet hoeveel jongens met Kerstmanmaskers rond lopen.
'Kom mee, kom direct mee, we moeten naar buiten', Angel pakt Nelleke bij haar arm en voor ze het weet staan ze samen op een stil plekje van de gang. 'Ik weet het zeker, het is niet te geloven, ik heb er nooit aan gedacht dat ik hem nog zou zien', hijgt Angel. 'Ik heb je toch verteld van Michael, van het ongeluk, je zal het niet geloven, maar hij is hier, hier op het feest'.
Samen gaan ze weer naar binnen en daar, tussen de jongens wijst Angel een prachtig verklede jongen aan, een jongensengel met vleugels die wel haast twee keer zo groot zijn als van de beide meisjes. Naast hem staat Justin, verkleed als een van de drie koningen, en ook hij ziet er uit als of hij uit een sprookje komt.
'Ik ga naar hem toe', en voordat Nelleke wat kan zeggen loopt Angel op haar Michael toe. Nelleke ziet hoe de jongen verbaast kijkt en dan, dan slaan ze de armen om elkaar heen, en beginnen elkaar, zo maar, midden in de school uitgebreid te zoenen.
De hele avond kan Nelleke haar ogen maar niet van Angel en haar Michael afhouden. Ze dansen alsof er verder niemand op de wereld bestaat. Zo nu en dan kijkt ze naar Justin, maar die staat daar maar wat en Nelleke durft niet te lang naar hem te kijken, bang dat hij dit zou zien.
Als of ze een ingeving krijgt kijkt Nelleke naar de grote klok die aan de muur hangt. 'Een minuut voor twaalf'. Vlug loopt ze naar het innig dansende stel toe en pakt Angel bij haar schouder. 'Vlug, het is bijna twaalf uur', waarschuwt ze haar vriendin, 'je moet toch weg?'.
Angel pakt de hand van Michael en samen rennen ze de school uit, naar buiten, het verlaten schoolplein op. Nelleke rent achter ze aan en ziet hoe de beide geliefde elkaar innig omarmen. 'We moeten gaan', roept Angel de verbaasde Nelleke toe. Dan ziet Nelleke de prachtige ogen van Michael, die haar vriendelijk toelacht. Een rilling loopt Nelleke over haar rug, 'Engelenogen, hij is ook een engel'.
Dan, voor de verbaasde ogen van Nelleke, ziet ze hoe de twee engelen steeds lichter worden, tot er één prachtig helder licht ontstaat wat Langzaam omhoog, naar de hemel gaat.
'Vrolijk Kerstmis' klinkt er naast haar, terwijl ze een arm over haar schouder voelt glijden. Het is Justin, en samen kijken ze omhoog, naar de lucht, en terwijl de eerste sneeuwvlokjes naar beneden dwarrelen licht er een ster helder aan de hemel op. 'Vrolijk Kerstfeest' fluistert Nelleke en voor ze het weet neemt Justin haar in zijn armen.
'Ho,ho,ho' het is Helpman met zijn bel, 'waar zijn die vrienden van jullie naar toe?'. ,Die', antwoord Justin terwijl hij naar de heldere witte ster aan de hemel kijkt, 'die zijn naar de zevende hemel'. ,Vandaar dat jij ook een tien had', fluistert Nelleke zacht, en terwijl ze Justin's lippen op haar mond voelt, is ze in de zevende hemel.
 

 

©J.L.Zitman.  Van deze website mag zonder schriftelijke toestemming niets vermenigvuldigd worden. 
Alle adviezen op medisch gebied in deze site vermeld, dienen eerst met de behandelende artsen overlegd te worden