|
Afgelopen week werd hier in de buurt drijfmest over het
land gebracht. Niets bijzonders op het platteland. Het is mest die als
voeding voor het land bedoeld is. We zijn aan de lucht gewend en het heeft
iets vertrouwelijks. In de auto rook ik een vreemde mest. Het had de
scherpe, rottende geur van een open riool. Je hoeft geen geleerde te zijn
om te bedenken dat dit soort mest vol met virussen en bacteriën zit. Op
een zonnige, winderige dag kan je daar beter niet mee te maken krijgen.
Het kan tot problemen met de bovenste luchtwegen leiden. En zo zit ik dus
wat snifferig deze column te schrijven. De tijd nemend om de rommel weer
eens wat op te ruimen.
Friesland te ver
Zo nu en dan word ik gevraagd om in het westen van het land te komen
werken. Ik zou dan in de praktijkruimte van collega’s kunnen werken die
het veel te druk hebben. Die zitten met enorme wachtlijsten en zouden me
er graag bij hebben. Zelf heb ik hier helemaal geen behoefte aan. Ik ben
zeer tevreden met mijn rustige leventje en ben blij dat ik zelf geen
wachtlijst heb. Dat geeft me de gelegenheid om de tijd voor mijn patiënten
te nemen. Voor de centjes zult u zeggen. Maar wanneer ik zo eens om me
heen kijk zie ik dat hoe meer mensen aan materiele zaken hebben verzameld,
des te drukker hebben ze het. Je ziet ze maar draven van hot naar her om
de boel in de gaten te houden. Aan het eind van hun leven geven ze al dat
bezit dan ook nog eens door aan hun erfgenamen. Die krijgen dan ook zo’n
leven van rennen en vliegen. Daar komt bij dat we hier prima bereikbaar
zijn. Sommigen vinden Friesland nog wel heel ver weg. Zo belde er vorige
week een dame uit Utrecht voor een consult omdat ze geen kinderen kunnen
krijgen. Ze vroeg me een afspraak te maken voor dat ze op vakantie naar
Australië gaat. Toen ze mijn adres opschreef en zich realiseerde waar we
precies wonen zag ze er toch maar van af. Te ver weg.
Spook op de trap
Door dat we tegenwoordig internet hebben is het hier rustiger aan de
telefoon geworden. De meeste vragen die ik krijg komen nu per e-mail
binnen en kan ik beantwoorden wanneer het mij uitkomt. Enige tijd geleden
kreeg ik een telefoontje van een jonge vrouw die last had van spoken. Ze
was door een of andere hulplijn naar mij doorgeschakeld en vertelde mij
haar verhaal. ‘We wonen hier nu een paar jaar’, vertelde ze, ‘en
altijd heeft er een nare, enge sfeer op de overloop gehangen’. ‘De
laatste tijd horen we regelmatig voetstappen op de trap terwijl dit op dat
moment niet kan’. Nog voor ik wat verder kon vragen vertelde ze me dat
ze bij navraag onlangs in de buurt had gehoord dat de vorige bewoner van
het huis zich boven in het trapgat door ophanging van het leven heeft
beroofd. ‘Zit de geest van die man nu hier nog in huis?’, Vroeg ze me
angstig.
Gedachten zijn krachten. Alles wat we denken laat zijn sporen na. Hoe
emotioneler de gedachte, des te sterker is de afdruk die dit achter laat.
Angst is een sterke emotie die gedachten sterk kleurt. En dat kan heel
lang blijven zitten. Dat heb ik wel gemerkt bij heel oude voorwerpen waar
soms nog emoties aan zitten van mensen die eeuwen geleden leefden. De
sfeer in het trapgat waar de man zich ophing is heel zwaar, dat kan men
zich wel voorstellen. Te meer doordat er ook nog eens veel angst bij is
‘aangebracht’ door mensen die dachten dat het daar spookt. En ik kan
het niet vaak genoeg zeggen, spoken bestaan niet. Er kunnen allerlei
beelden blijven hangen op zo, n plek, maar het is niet zo dat het een
overleden persoon zelf is die daar rondstapt. Het is de angst van de
mensen zelf die tot de vreemdste verschijnselen kunnen zorgen. Ieder
geluid wordt op het laatst vanuit onze angst geïnterpreteerd. Vanuit de
voorstelling die wij van zo, n plek gemaakt hebben. In dit geval de
overledene die daar nog rondwaard. Vooral kinderen en mensen die hier
gevoelig voor zijn kunnen hier veel last van hebben.
Na bovenstaande verhaal verteld te hebben gaf ik de vrouw de raad om
eens samen met haar man te praten over wat er in hun huis gebeurt is. Het
is toch erg dat iemand zo in de problemen is gekomen dat hij zich zelf van
het leven berooft. Daar mag je wel even bij stilstaan en het is geen rede
voor angst. Wanneer we bewust zijn van zo, n plaats, waar zulke sterke
emoties zijn blijven hangen, is het verstandig deze te reinigen. Anders
kunnen we daar gedachten opvangen die we voor onze eigen gedachten
aanzien. Angsten beleven en deze voor onze eigen angsten aanzien. Zo, n
plek wordt dan steeds donkerder en enger.
Door dan met respect een kaarsje te branden ter plaatse. Door de zware
angstige sfeer in het licht van de openheid te plaatsen. Door het
wegvallen van de angst, zijn we reinigend bezig.
Een tijdje later had ik een tante van de vrouw aan de telefoon. Ze had
het nummer van haar nicht gehad en wilde mij om raad vragen. ‘Hoe gaat
het nu bij uw nicht thuis?’ Vroeg ik haar. ‘Oh, daar is het nu rustig
hoor’, vertelde ze me, ‘Niets meer aan de hand’ |