|
Zo vlak voor het kerstfeest, het feest van licht en
leven, is het goed om eens bij ons zelf na te gaan waar we nu helemaal mee
bezig zijn. De een heeft het nog drukker dan de ander. Het is toch te gek
voor worden dat we reclame nodig hebben om te beseffen dat kinderen het
‘te druk’ hebben. Steeds vaker zie je dan ook nog eens dat beide
ouders moeten werken. De huizenprijzen en huren zijn zo hoog geworden dat
er geen keus meer is. De uitkomst van het onderzoek naar de bouwfraude
heeft laten zien dat de huizenprijzen kunstmatig omhoog zijn gebracht door
frauderende ondernemers. En, dan hebben we het maar niet over de euro, die
het leven voor de meeste het leven veel duurder heeft gemaakt. ‘Wie de
jeugd heeft, heeft de toekomst’, is een oud gezegde. Zonder jeugd is er
geen toekomst.
ADHD
Circa driekwart van de kinderen bij wie ADHD
(hyperactiviteit) is vastgesteld, lijdt niet aan deze ziekte. Dat deze
kinderen heel druk en impulsief zijn en kampen met concentratieproblemen -
de symptomen van ADHD - ligt aan hun ouders of leerkrachten.
Dat concludeert orthopedagoog J. van den Born van de Onderwijsbegeleidingsdienst
West-Brabant in Breda ,’Niet iedereen die loopt te vloeken en schelden
heeft het Syndroom van Gilles de la Tourette. Zo is het ook met ADHD.
Slechts een kleine groep van alle drukke kinderen die zich slecht kunnen
concentreren, heeft echt ADHD’.
Het kalmerende geneesmiddel Ritalin, dat vrijwel alle kinderen met
diagnose ADHD krijgen voorgeschreven, komt hierdoor volgens Van den Born
`in de plaats van een goede opvoeding en goed onderwijs'. De orthopedagoog
is lid van de Permanente Commissie Leerlingzorg in Breda en ziet jaarlijks
dossiers van zo'n 400 kinderen. Circa 35 procent van die kinderen heeft
het label ADHD, in de volksmond bekend als Altijd Druk Heel Druk,
opgeplakt gekregen.
’Ongeveer een kwart van deze kinderen heeft echt ADHD, vastgesteld door
een kinderneuroloog. Dat is de enige die dat kan, want het is een
neurologische aandoening’, zegt Van den Born. In de praktijk stellen ook
kinderpsychiaters en huisartsen de diagnose nogal eens. Huisartsen hebben
daar volgens Van den Born `de deskundigheid niet voor’.
Uit de 400 dossiers blijkt volgens hem dat er bij de kinderen die geen
ADHD hebben, thuis of in de klas omstandigheden zijn die het
probleemgedrag vermoedelijk veroorzaken. ,’Wat gebeurt er als beide
ouders werken? 's Morgens geen tijd voor een gezellig ontbijt, maar een
snelle boterham. Wordt er nog gecommuniceerd of worden de kinderen alleen
klaargestoomd om snel weggebracht te worden?’
In de weekeinden gebeurt volgens Van den Born vaak het tegenovergestelde.
‘Dan voelen ouders zich schuldig en krijgen hun kinderen zo'n overdosis
aandacht dat het ook niet goed is. Zo creëren ouders onrust. Eigenlijk
moet altijd een ouder thuis zijn als een kind thuis is. Dan voelt een kind
zich veilig’.
Onderwijzers kunnen volgens Van den Born ADHD-achtig
gedrag bij kinderen veroorzaken door hun onderwijs níet af te stemmen op
de mogelijkheden van leerlingen. ‘Die kunnen dan `taakontwijkend' gedrag
gaan vertonen. Ze worden lastig, gaan vaker naar de wc, propjes gooien,
zich met andere kinderen bemoeien’, In zo'n situatie zal de onderwijzer
doorgaans de leerling corrigeren ( `zit stil - ga aan het werk - doe ook
eens wat' ) in plaats van zijn les aan te passen. ‘Voor een leerkracht
is de keuze snel gemaakt als hij moet kiezen tussen `Dat kind kan het
niet' of , `Ik doe het niet goed'.
Regelmatig zie ik in mijn praktijk kinderen die problemen hebben. Hier
zijn kinderen bij met werkelijk neurologische aandoeningen die medische
hulp nodig hebben. Veel vaker zijn het kinderen die onbegrepen worden. Het
zijn de allergevoeligste kinderen die niet zelden ook te maken hebben met
paranormale indrukken. Dit laatste wordt dan niet altijd erkend of als
zeer bijzonder ervaren, zonder dat men beseft wat een en ander inhoud.
Helaas kan dit bij de ouders en de kinderen veel problemen geven, met alle
gevolgen van dien. Soms zonder verder onderzoek zijn deze kinderen dan aan
medicijnen gezet. ‘Hierdoor hebben ze betere schoolresultaten’, wordt
er dan wel eens gesteld. In werkelijkheid zal er onherstelbare schade
worden toegebracht aan de emotionele ontwikkeling van het kind.
Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst.
|