|
Paranormaal 285
Pinksteren is wel het meest onbegrepen
feest van alle feestdagen die in onze cultuur gevierd worden.
Pinksteren stamt af van een Grieks woord dat vijftig betekent.
Het was een Joods oogstfeest dat vijftig dagen na Pasen werd
gevierd, vandaar. Ook bij ons staat de Pinksteren in de vorm van
jaarmarkten nog in deze betekenis bekend, maar het is voor deze
omstreken nog wat vroeg om de oogstfeesten te vieren. De zomer
moet nog beginnen.
De meeste oude feesten zijn door de komst
van het christendom van bijbelse beelden voorzien. Met
Pinksteren is dit niet echt gelukt.
Bij Kerstmis en Pasen zijn nog meelevende
beelden te maken. Het oude feest van de terugkeer van het licht
werd Kerstmis waarin de geboorte van Jezus het geestelijke licht
symboliseert. Het oude lente feest Pasen kent het sterven en
opstaan van Jezus. Hoewel de symbolen van nieuw leven in de vorm
van eieren en kuikentjes veel meer mensen aanspreekt. Met
Pinksteren word gepraat over het spreken in tongen en over
bijzondere genezingen die plaatsvinden. Over mystieke
belevenissen die ons voorstellingsvermogen te buiten gaan. Over
het ontvangen, het oogsten op geestelijk gebied. We praten hier
over belevenissen die voor de één een deel van het leven
vormen, voor anderen is het allemaal algebra waar men geen raad
mee weet.
Paranormaal heeft te maken met de intuïtie, met denken en
voelen. Mystiek gaat daar aan voorbij. Ik zal proberen uit te
leggen wat ik met mystiek bedoel aan de hand van mijn eigen
belevenissen.
Toen ik een jaar of zevenentwintig was kwam
het ‘paranormale’, dat ik uit mijn jeugd kende terug. Ik
werd mij er van bewust dat allerlei zaken die zich in mijn
belevingswereld voordoen, te maken hebben met een sterke
gevoeligheid. Ik ‘zag’ paranormale beelden en wist dat deze
beelden wat vertellen over bijvoorbeeld de persoon die voor mij
staat. Ik besefte ook dat deze beelden gekleurd werden door de
inhoud van mijn eigen geest. Zo als iedere beginnende Paragnost
kreeg ik te maken met associëren. Dat wil zeggen dat mijn geest
de paranormale waarnemingen vermengde met beelden uit mijn eigen
verleden. Ik begreep dat het nodig was om te weten hoe deze
waarnemingen tot stand komen. En wat belangrijker was: ‘Wie
ben ik?’.
Gerard Croiset gaf mij de raad om me met
Yoga bezig te gaan houden, omdat ik moest leren met mijn energie
om te gaan. Nu was, en is het nog steeds niet zo dat ik direct
raad aanneem van een ieder die mijn pad kruist. Maar, ik
vertrouwde de bekende Paragnost Croiset volledig en besloot zijn
raad op te volgen. Temeer omdat dit speciale gevoel van
‘volledig vertrouwen’ altijd juist is geweest. Eerst kwam ik
terecht bij een Yogalerares in ruste, die mij toch nog wel een
stukje op weg wilde helpen. Na een paar maanden vertelde ze me
dat ze me verder niet wist te helpen en stelde voor dat ik
contact zou opnemen met Douwe Tiemersma uit Gouda. Douwe die tot
dan toe Hatha Yoga lessen had gegeven, was in India geweest en
had daar bij Shri Nisargadatta Mahararaj inzicht gevonden in de
oorspronkelijke natuur van de mens, zoals de oude vrouw mij wist
te vertellen. Ik wist niet wat ik hier nu weer van denken moest,
maar besloot toch maar eens op één van zijn wekelijkse
Yogalessen te gaan kijken.
 |
 |
| Shri Nisargadatta Maharaj |
Douwe Tiemersma |
De eerste keer dat ik bij Douwe kwam was in
een gymnastiekzaaltje in Gouda. Het was een wat duffe bedoeling
waar ik op zich weinig mee op had. Maar die Douwe, die had wat.
Ik wist niet precies wat, maar besloot eigenlijk meteen dat ik
zijn bijeenkomsten zou blijven bezoeken tot ik er achter was.
Zelf vond Douwe dat gymzaaltje ook niet langer de entourage waar
hij zich prettig voelde en de volgende keren werden de
bijeenkomsten wekelijks bij hem thuis gehouden en waren niet
langer Yogalessen, maar veel meer gesprekken. Douwe bleek de
gave te hebben om steeds maar weer opnieuw uit te leggen hoe de
zaak nu echt in elkaar zat. Niet dat hij mij wat wilde wijs
maken. Een nieuw geloof wilde brengen. Hij was heel duidelijk en
hield me steeds voor hoe ik kon ontdekken hoe ik als mens nu
eigenlijk in elkaar zit. Ik moest het zelf doen. ‘Laat alle
ideeën die je over jezelf hebt los, en realiseer je
oorspronkelijke natuur’, hield hij me steeds weer voor.
Nu is dit makkelijker gezegd dan gedaan.
Maar, ik was vast besloten dit mysterie op te lossen en
vertrouwde Douwe volledig. Ik wist ook dat het voor mij een zaak
van leven of dood was, om het zo maar uit te drukken. Zou mijn
leven een doorlopend geworstel worden met de gedachten en
gevoelens die zich in mijn geest afspelen, of zou ik vrij zijn.
Dat is de kwestie, vrijheid of gebondenheid. Toen dan het moment
gekomen was dat ik me realiseerde wat ik als mens nu eigelijk
ben moest ik toch wel lachen. Ik was typisch het voorbeeld van
de man die de bril zocht die hij altijd op had gehad. Dit was
hetzelfde als wat ik al zo vaak had beleefd, alleen nu gebeurde
het heel bewust, Niks nieuws onder de zon. Ik lachte en dronk
samen met Douwe een pilsje.
Als jongetje van ongeveer 8 jaar had ik hetzelfde meegemaakt. Ik heb hier
jaren geleden al eens over geschreven in een kerstverhaal. Toen
wist ik niet precies meer wie er bij mij was, maar nu weet ik
dat het mijn buurmeisje Gerry was. We waren een vogel aan het
begraven die door een buurman z’n kat te grazen was genomen.
We spraken heel ernstig over de dood en wat dat betekend. Toen
plotseling gebeurde er iets heel speciaals. Mijn geest werd
helemaal van licht, en er was een heerlijkheidgevoel, een liefde
die ik met de prachtigste woorden niet zou kunnen omschrijven,
en er was die openheid. Die openheid waarvan ik met de woorden
van Nisargadatta kan zeggen: ‘Realiseer je, dat jij de eeuwige
bron van alle dingen bent en aanvaard de dingen als je eigen
Zelf'.
'Dat accepteren is echte liefde’.
|